terug
terug
Dugesia gonocephala in Mosbeek Twente 21-04-2005
Dugesia gonocephala
Platworm

Deze platwormsoort heeft een spitse kop met opvallende zijlobben ('oortjes'), bij het exemplaar hierboven extra zichtbaar door de aftastende houding op het stengeltje. De soort heeft behoefte aan zuurstofrijk water, zoals dat eigenlijk alleen in bronnen en bronbeken te vinden is. Daarom is hij niet algemeen. De Mosbeek in Twente is zo'n beek, en hier zijn ze dan ook in ruim aantal aanwezig.

De Mosbeek is een beek die ontspringt in het Sprengendal, waar een aantal bronnen hem voeden. Het stuwwallen gebied is gelukkig gespaard gebleven bij de vernietiging van het oude Twentse landschap. Er gedijen zeldzame plantensoorten, zoals goudveil en vetblad. En behalve de platworm van deze pagina, zie je ook veel vlokreeftjes en andere insecten in de beek.



Links twee exemplaren, traag over de zandbodem glijdend. De detail uitsnede hieronder laat de spits-driehoekige vorm van de kop zien. De ogen zitten vóór de 'oortjes'. Dat laatste heeft D. lugubris ook. De determinatie blijft onzeker, zie ook onder bij "What's in a name".

kop Dugesia gonocephala

Links op de foto is een kleinere platworm te zien, waarschijnlijk een jong exemplaar van dezelfde soort.



Op de foto links onder een exemplaar in een extreem pijlvormige houding, rechts onder is te zien hoe de platworm, net als de meeste waterslakken, ondersteboven aan de onderkant van de waterspiegel kan kruipen. De lichte zone in het midden: daar zit de maag, die uitgestulpt kan worden, meer hierover op de pagina van Dugesia lugubris.


Als de omstandigheden gunstig zijn kan deze platworm in flinke aantallen voorkomen. Op sommige plekken in de Mosbeek zijn er dan ook kleine kluwens van platwormen te zien. Ze bewegen daar traag tussen de, eveneens veel voorkomende, vlokreeftjes die in zijligging over de bodem schuiven en af en toe snel weg zwemmen naar een andere plek.

Dugesia gonocephala, meerdere exemplaren in Mosbeek 30 april 2005

Tenslotte nog twee foto's van de platwormen op deze locatie, beide met de typische driehoekige kop. De linker foto kan vergroot worden

Dugesia gonocephala mosbeek 30 apr 2005



Literatuurlijst:

Angus, B. 2007 The study of turbellarians (Platyhelminthes) at the Queensland Museum. Memoirs of the Queensland Museum 53( 1 ): 157-185. Brisbane. ISSN 0079-8835.
Opgehaald 29-04-204 van: https://www.biodiversitylibrary.org/partpdf/303988

Ball, I.R. 1974 A Contribution to the Phylogeny and Biogeography of the Freshwater Triclads (Platyhelminthes: Turbellaria)
Biology of the Turbellaria 15 339-401 Riser & Morse( Ed.) McGraw-Hill Inc. 1974
Gelezen op 28-04-2024

Dugès, A. 1830 Aperçu de quelques observations nouvelles sur les Planaires et plusieurs genres voisins.
Annales des Sciences naturelles. 1. Ser. Tom. 21: 72-91
Gelezen 27-04-2024 op: https://www.biodiversitylibrary.org/page/32172479#page/89/mode/1up

Girard, C. 1850 A brief account of the fresh-water planariae of the United States
Gelezen op 27-04-S2024 op: https://www.biodiversitylibrary.org/item/35741#page/273/mode/1up

de Vries, J. 1984 On the species of the Dugesia gonocephala group (Platyhelminthes, Turbellaria, Tricladida) from Greece. Bijdragen tot de dierkunde , Volume 54 - Issue 1 p. 101- 126
Opgehaald 26-04-2004 van: https://repository.naturalis.nl/pub/504437




What's in a name ?

Deze platworm werd Planaria gonocephala genoemd door de arts en natuuronderzoeker Antoine Louis Dugès in 1830. In het artikel over zijn observaties (zie Literatuurlijst), schreef hij "(Nobis)" achter de naam, dit betekent zoveel als 'door mij bedacht'. Hij begon zijn beschrijving van de soort met: "Cet grande espèce est assez commune dans quelques ruisseaux d'eau très-pure;..." (deze grote soort is behoorlijk algemeen in enkele (kabbelende) beekjes met zeer schoon water).

Gono- hoek, chephala een verbuiging van kop, dus: de 'hoekkoppige platworm'. Er is een hagedissen genus met de naam Gonocephalus, de soorten worden in Nederland Hoekkopagamen genoemd.

De naam, Planaria gonocephala Dugès 1830, veranderde omdat de Franse arts en bioloog Charles Frédéric Girard (1850), na een onderzoek aan Amerikaanse platwormen, waarbij hij een wormensoort vond die veel leek op Dugès' gonocephala, een groep afscheidde waarbij hij de genusnaam Dugesia voorstelde (pag 265), waarschijnlijk ter ere van Dugès. De naam werd geaccepteerd en de nieuwe naam werd Dugesia gonocephala (Dugès) 1830, tussen haakjes volgens de regels.

Ian R. Ball (1974) stelde een aparte familie, de Dugesiidae voor (pag. 344). Binnen de Dugesiidae stelde hij de genus naam Girardia voor, vernoemd naar Girard. (Verwar deze naam niet met Giarda, een parasitaire worm).Deze namen zijn geaccepteerd.

De taxonomie van de platwormen blijft lastig, als reden wordt gegeven dat het primitieve dieren zijn. Er is intussen vastgesteld dat D. gonocephala een supergenus is met een groep van soorten, die alleen op anatomie van de geslachtsdelen zijn te onderscheiden! (de Vries, 1984). Binnen die groep is D. gonocephala in stricto sensu ('in strikte zin, meer nauwkeurig gedefinieerd') opnieuw omschreven.



terug
terug naar: O V E R I G E  D I E R E N

COPYRIGHT:
Alle foto's op deze site zijn door G.H. Visser (Aadorp, Nederland) gemaakt, tenzij anders genoemd. Alle rechten behoren hem toe. Deze foto's mogen op geen enkele wijze anders dan voor eigen privé gebruik aangewend worden. Als u ze voor doelen, waarbij derden betrokken zijn, wilt gebruiken, vraag dan via een email toestemming aan de auteur. In het bijzonder worden mensen aangemoedigd die materiaal nodig hebben voor natuurexposities of voor educatieve doeleinden.
© G.H. Visser 24-04-2024
rev. 28-04-2024
www.microcosmos.nl
www.inslootenplas.nl

Valid XHTML 1.0!

http://www.microcosmos.nl/noanim/dugesia10.htm